MILJARDEN FLARDEN 818
MILJARDEN FLARDEN 818
Het huis in bruidstaartstijl is omkranst door gemanicuurde struiken. Een geschorste boom staat huilend zijn kale takken te strekken. De lippenstift van de vrouw des huizes straalt roofzucht uit. De oren van haar man zien er als gedroogde abrikozen uit. Het haar van hun dochter ruikt naar tarwe. Niet te verwonderen dus dat hier eigenaardige dingen gebeuren. Telkens als een Jehovah’s Getuige aanbelt, of iemand die een god van een of ander geloof verkoopt, wordt die het huis in gesleurd, doodgeslagen met een stomp voorwerp (diepgevroren schapenbout, hamer, honkbalknuppel, koekenpan, stok, steen, losgewrikte tafelpoot, wandelstok) en aan drie gedomesticeerde gieren gevoerd, bijgenaamd de Drie Koningen. Daar zijn geen bewijzen van, maar het gebeurt wel echt. Er blijft geen pink van de slachtoffers over. De afgestroopte kleren worden netjes gewassen in een liefdadigheidscontainer gedumpt. U ziet: niet alles is slecht in deze wereld. Een idee voor alweer een verhaal van de Schrijver van Miljarden Flarden, geheel de uwe.